Two pairs of I’s
Ik heb twee paar ogen.
Het ene kijkt naar binnen – onder de huid, diep in de spieren, in je holle botten. Het ziet die dingen zoals ze werkelijk zijn, niet zoals mij is geleerd dat ze zijn. Ik draai deze ogen, en terwijl mijn oogballen rollen, rol jij achter ze aan in dit land. Hier liggen mijn botten verspreid in een woestijn, rustend in het zand, wachtend tot ik ze verzamel en weer in elkaar zet.
Waar gaat dit deel heen?
Het lichaam is een kaart die we nog steeds leren lezen. Als alternatief voor de disciplinerende en normatieve benadering van anatomie stellen we ons vormen van belichaming voor die gevoed worden door de complexiteit van gewaarwordingen. Een innerlijk paar ogen leidt onze stappen door dit landschap van ledematen, weefsels, organen en vloeistoffen. Ze krijgen eigen kracht en karakter, vertellen deze reis van binnenuit en brengen ons voorbij een vaststaand beeld van een geheel. Hun taal ontleedt de anatomie; de verbeelding dringt het lichaam binnen en verlegt de grenzen ervan. Het ‘ik’ vervaagt, raakt uit balans; het ‘ik’ vindt zichzelf terug in zijn relationele anatomie.
Geleid door mythisch denken en de geschriften van Monique Wittig, navigeren we door een ruimte waar verval, kwetsbaarheid en onderlinge verbondenheid dit opnieuw verbeeldde lichaam creëren.
Kunstenaar
Residenties
Kaaistudios